Een boom verzamelt jarenlang energie van zon,  lucht en bodem

Stel je de tijd voor, lang heel lang geleden. Een tijd waarin de energie die je tot je beschikking had bepaald werd door je lichaamsbouw.

In een gevecht had een flinke kerel meer energie in te brengen dan een kleine kerel. Zeker als die laatste ook nog een stuk ouder was. Je kon je misschien nog onderscheiden door je snelheid, maar meestal won de sterkste. Die beschikte over de meeste energie en Hapkido lessen bestonden toen nog niet.

Of als er eens niet werd gevochten maar gejaagd, dan hield diegene met de beste conditie het langer vol. Een setje grote longen en een sterk hart zorgde voor de benodigde energie. Zoals nu nog steeds in het dierenrijk, was de lichaamsbouw bepalend voor je lot.

Datzelfde lot trof ons mensen een hele lange tijd. Wij waren gewoon onderdeel van dat dierenrijk. Totdat we leerden vuurstoken. Ineens beschikten we over een extra bron van energie. Energie die door de natuur werd verzameld. Dat is voor ons begonnen bij de boom.

Een boom verzamelt jarenlang energie van de zon, de lucht en de bodem. Die energie kun je vrijmaken door met het hout een vuur te maken. Stel je nu nog eens voor, de oude kleine man tegenover de sterke jonge knaap. Alleen nu heeft de oude man vuur en de jonge knaap niet.

De boom is onze toegangspoort geweest naar de enorme bergen energie van de natuur. Ik vraag me wel eens af of al die energie wel aan de mens is besteed als ik zie hoe bezitterig we met de natuur omgaan en dat we van die vechtersbaasjes zijn gebleven. Gelukkig kan datzelfde vuur ook verzoenen en mensen bij elkaar brengen. Op 1,5 meter bij elkaar met de mooie vlammen van het kampvuur ertussen.